Een doorsnee dag in de Bangkwang


Geuren, kleuren en gebeuren tijdens de dag

Een beschrijving van een doorsnee dag in de BangKwang naar de brieven van Hans Zegers.

Meestal begint de dag zo rond 6 uur in de morgen. Dit varieert door geluiden en of geuren. In mijn cel slapen we met 11 man, de cel is weliswaar kleiner dan de meeste andere cellen, maar daar liggen dan wel 26 man op.

celGoed, zo rond 6 uur wordt je dus wakker van of geluiden, scheten, rochels en kuchen, harde conversaties, het opvouwen van een matras. Matras is een groot woord, een aantal bij elkaar genaaide dekens met daarover een laken of hoes van allerlei bij elkaar geraapte materialen. Soms bloemetjes of streepjes, maar je komt ook Winnie the Pooh, Donald Duck of andere Disney figuren tegen. Al met al een bont geheel. Elke ochtend moeten we deze matras oprollen en ’s avonds weer uitrollen. Het wakker worden hierdoor valt nog mee, erger is de stank van scheten en met gemiddelde temperaturen van ongeveer 36ºC. De geur van zwetende, scheten latende lichamen. Geloof me, ik heb in mijn leven de geur van dode lichamen geroken en de geur waarin wij elke ochtend wakker worden zit daar niet ver vanaf.

 

Tussen 6.00 en 6.55 worden de deuren ontsloten en stormen de gedetineerden zo snel mogelijk naar buiten.

Dit geeft een hels kabaal; geschreeuw, het geluid van rammelende kettingen en stampende voeten. Nou zou een normaal mens gelijk klaarwakker zijn, maar ondanks deze luidruchtige ochtendrituelen ben ik meestal nog halfslapende. Uit het cellenblok gekomen schiet iedereen naar zijn eigen plek, meestal is dit de plek waar je een kastje hebt met daarin je persoonlijke bezittingen. Als je uit de lucht zou kijken lijkt het misschien nog het meest op een mierenhoop, alles loopt kriskras door elkaar, maar elk miertje heeft zijn eigen doel Mijn gebouw is ongeveer zo groot als een voetbalveld, maar anders dan gras, bestaat het hier uit beton en betonnen gebouwen. Wat als katalysator werkt voor de hitte en temperaturen soms doorschieten naar 50ºC… In de schaduw.

Het dagritme

toilet Omdat ik nog altijd half slaap kom ik als een van de laatste uit de cel, onderweg naar mijn kastje passeer ik de toiletten, 8 stuks op een rijtje, 30 cm hoog muurtje ertussen, voetstappen met daartussen een gat. 8 toiletten voor 850 man. Dit tijdstip van de dag betekent dat dus file, 8x bezet met ongeveer 30 wachtenden. Het aroma komt je tegemoet. Het “afval” komt terecht in een geul (open riool).

 

Bangkwang37_thumbNa het passeren van deze file kom ik neus dicht geknepen bij mijn kastjes, mijn honk, dag basis aan.
Hier fris ik me even op; droog shirt, tandjes poetsen en een wolk van babytalkpoeder, want dat neemt een hoop vocht op en voorkomt hitte uitslag. Nu klagen mijn andere medegevangenen soms over deze wolk van poeder. Goed, ik zie eer soms uit als de verschrikkelijke sneeuwman maar het helpt wel en ruikt lekker en mijn billetjes blijven zacht.

 

Ondertussen is de mierenhoop aardig actief geworden met koken, kleren wassen, muziek maken en sporten.

Met al het nodige kabaal van dien. Zelf maak ik een kopje oploskoffie en begeef me met een sigaretje tussen mijn lippen naar het binnen pleintje, de file bij de toiletten is wat minder, de geur wat sterker. Aangekomen neem ik  plaats op een betonnen bankje en wacht op mijn Australische maatje. Vanaf het bankje kijken we elke ochtend wat er zich afspeelt en Bangkwang43_thumbhebben hier uitvoerig commentaar op. Het binnenpleintje wordt voornamelijk gebruikt om te sporten en langs de randen staan de wasrekken in de zon. Terwijl ik ondertussen mijn geurend kopje koffie en sigaretje als ontbijt nuttig bespreken we elkaars stoelgang, het weer (niet lang het is altijd warm), het nieuws binnen de gevangenis en nieuws uit de buitenwereld met daartussen de nodige goodmornings naar een ieder die voorbij komt. Net even voor 08.00 uur maken we dat we wegkomen, dan wordt namelijk de vlag geheven en het nationale lied gezongen. Alle Thaise gevangenen staan dan keurig op een rijtje in de houding. Een erg communistisch geheel. Na dit tafereel begint de dag eigenlijk.

Geuren van het koken dringen de neus binnen en dit is niet altijd even prettig.

Houtskoolvuurtjes sudderen overal en worden soms gevoed met oude plastic slippers e.d. Bakolie wordt keer op keer gebruikt en ik denk wel eens als ik er patent op kan aanvragen het een uitstekende nieuwe motorolie zou zijn. Vissen, kippen en andere stukken (meestal stukjes) vlees worden flink bewerkt met hakbijlen op de grond. Om vervolgens voor verschillende gerechten gebruikt te worden. We hebben Thais, Chinezen, Pakistani, Nigerianen en de verdwaalde westerling. Dit zou een uitstekende cuisine moeten beloven. Helaas de meesten kunnen niet koken en de hulpmiddelen zijn te beperkt. Iets wat er goed uit ziet, ruikt vreselijk en iets wat lekker ruikt maakt je aan het kokhalzen en of combinaties hiervan. Keus genoeg dus.

De gehele dag worden we op de hoogte gehouden door een omroepinstallatie van megafoons.

Bezoek, brieven, pakjes, wie gaat naar de rechtbank, wie naar de dokter, pietje puk moet naar het kantoor komen om formuliertje zus en zo te tekenen. Dit begint om 07.00 uur en eindigt ongeveer 16.00 uur. Noodzakelijk maar soms om dol van te worden. Je oren krijgen geen moment rust. Wel word je nergens voor opgeroepen, kun je even een boek lezen, een brief schrijven of even met een ander bijpraten. Ondertussen komt er van alles voorbij, leuk zijn de tatoeages (op Thais) vol spellingsfouten, wat soms een glimlach of zelfs een schaterlach bij ons westerlingen te weeg brengt. Soms moet je jezelf even knijpen, of ik droom of ik ben dronken. Kwam er zojuist een Thaise vrouw met langzwart haar, grote borsten, gekleed in een minirokje voorbij? Geen droom, niet dronken maar een zgn. Thaise lady boy van boven vrouw van onderen man. Normaal in een doorsnee Thaise gevangenis.

Rond 12 uur nuttig ik mijn enige warme maaltijd van de dag.
bereiden van etenSoms gebakken rijst, wat groenten, soms aardappels, een stukje vlees. Soms een rookworst (dank aan de verzenders hiervan) De middag is veelal het zelfde als de ochtend; luisteren naar de omroepinstallatie, lezen, schrijven, een praatje maken. Rond half drie ga ik uitgebreid mijn bad nemen. Er is een soort grote trog van 40 bij 4 meter die volgepompt wordt met rivierwater. In mijn hand een plastic bakje wat ik gebruik om water over mij te gooien uit de trog. Even inzepen en weer afspoelen. Om mij heen ongeveer 800 naakte mannen en de enkele met grote borsten en lang haar.

Rond 16.00 uur klinkt de bel, tijd om terug in de cel te gaan.

Voor het naar binnengaan de nodige checks van tassen en zakken. Iedereen in de cel, worden de getraliede deuren door middel van een groot hangslot afgesloten. Na het tellen van de hoofden door de bewakers worden de buitendeuren met grote ijzeren staven vergrendeld. Ondertussen rollen wij ons matrasje weer uit. Sommigen gaan gelijk slapen, anderen kijken tv, één tv per cel. Omdat het in de cel rustiger is dan het leven overdag ga ik eerst even studeren. Rond 7 uur eet ik een paar boterhammetjes en daarna kijk ik nog even tv. Daarna proberen te slapen en in slaap te blijven. Af en toe word je wakker door het domino-effect. Iemand rolt in zijn slaap en het hele rijtje word wakker. Het pruttelende geluid van iemand die aan de diaree is. Wat insecten die besluiten een feestje op je lichaam te beginnen met jou als hoofdmaaltijd.
Uiteindelijk zzzzzzzzzzz……. slapen en……Scheten, rochels, kuchen, harde conversaties, het oprollen van een matras, een nieuwe dag begint in mijn wereld.

 

Bron: http://www.gevangeninthailand.nl/